Stof en Steen

Suzanne is blij weer aan het werk te zijn in de meubelstoffeerderij. De vakantie heeft haar goed gedaan. De kinderen waren blij om haar weer te zien. Ze hebben gelukkig niets meegekregen van de ruzie met Henk. Hij was in alle staten, omdat ze hem niet verteld dat ze op vakantie ging. Hij vindt haar een ontaarde moeder. Je laat je kinderen toch niet zomaar achter, wat als er nou iets gebeurd etc. Kortom ze heeft het hele arsenaal aan “wat alsjes” aan moeten horen, totdat ze hem botweg aan hem vroeg “ben je klaar”? Dan ga ik nu. Ze heeft zich omgedraaid en is weggegaan. Wel stoer vindt ze van zichzelf. Volgende vakantie neemt ze de kinderen wel mee.
Het is zes uur en ze wil naar huis. Het is nog licht, misschien kan ze nog in de tuin werken, of het huisje stofzuigen. Ze sluit de winkel en gaat naar huis. Ze besluit om toch maar eerst te stofzuigen. Ze doet het raam in de slaapkamer open voor wat frisse lucht. Wat ziet ze daar nou? Ze kijkt nog eens goed en ziet dat de buurman zijn hoofd tussen de draden van het hek doorsteekt. Hij is aan het gluren in haar tuin. Sterker nog hij probeert ook naar binnen te kijken, maar schrikt als hij Suzanne uit het raam ziet kijken. Ze loopt via de keuken naar de tuin en loopt op de buurman af. Wat ben je daar aan het doen, vraagt ze? Niets, ondertussen zit hij te friemelen aan de touwtjes waarmee Suzanne de klimop heeft vastgemaakt. Ze vraagt hem om met zijn handen van de touwtjes af te blijven, omdat ze wil dat de klimop groeit zodat de schutting straks helemaal dicht is. De buurman zegt dat ie daar gek van wordt, hij kan er niet tegen om opgesloten te worden in zijn eigen tuin. Straks kan hij niets meer zien. Suzanne kan nog net haar lippen op elkaar houden, maar weet nu hoe ze hem te pakken kan nemen. Ze vond het al zo gek dat de klimop achterin de tuin niet wilde groeien. Als ze wat centjes heeft gespaard zal ze het achterste stuk helemaal dichttimmeren.