Stof en Steen

Henk heeft gereserveerd in het wok restaurant net buiten het centrum. Ze gaan er lopend heen. Joep en Julia rennen vooruit. Ze zijn helemaal uitgelaten, want ze mogen daar zelf opscheppen. Vooral de dessert tafel vinden ze helemaal geweldig. Binnen gekomen kiest Suzanne voor het vismenu en Henk voor het vlees. Voor de kinderen is er een speciaal menu. Suzanne bestelt een rode wijn en Henk neemt een biertje. De kinderen mogen in dit restaurant gewoon lekker rondlopen en zijn aan het spelen bij de koikarpers. Terwijl ze in de rij gaan staan om op te scheppen is Henk druk aan het praten met een man die achter hen in de rij staat. Suzanne ziet dat er iets verandert is bij Henk.

Hopelijk gaat hij het straks vertellen, want het is een eeuwigheid geleden dat ie zo vrolijk was.

Aan tafel begint Henk het gesprek, ik moet je iets vertellen Suzanne. Ik heb een baan aangeboden gekregen. Gefeliciteerd zegt ze, wat leuk, tegelijkertijd vraagt ze wat het voor baan is. Nou zegt Henk ik moet eerst nog een korte opleiding volgen, maar dan kan ik aan de slag als Boa.

Wat is een Boa vraagt Suzanne, nou dat is een buitengewoon opsporingsambtenaar zegt Henk.

Hoe lang duurt de opleiding? Nou dat hangt af van een aantal factoren. Ik moet eerst nog een vragenlijst invullen. Aan de hand daarvan kunnen ze bepalen welk niveau ik heb.

Ze vindt het fijn voor Henk dat er eindelijk iets positiefs is en waar hij duidelijk plezier in heeft.

Wat ga je opsporen dan, vraagt Suzanne. Auto's zegt Henk met een glimlach, ik ga parkeercontroleur worden.

Suzanne haar mond valt open, maar voor ze kan zeggen “zou je dat nou wel doen”, begint Henk een  enthousiast verhaal over zijn gesprek met de leidinggevende. Ik kan mezelf wel vinden in een aantal   toelatingseisen. Je moet discreet, flexible, stipt, verantwoordelijk zijn. Je mag ook geen strafblad hebben. En ga zo maar door. Suzanne vraagt hem of hij dan ook flexibel moet zijn met zijn werkuren. Ja zegt hij, je kan wel aangeven wat jezelf het prettigst vindt. Nou dat is helemaal geweldig zegt ze. Een baan, je mag je uren zelf bepalen en je bent blij. Proost zegt ze.

Ondertussen ziet ze ook de gevaren die dit op kunnen leveren. Henk is stipt, zoals hijzelf zegt, maar soms ook iets te stipt. Nou ja als hij nou gaat werken op de uren dat de kinderen op school zijn, is dat nog niet zo gek. Ze slaat meteen spijkers met koppen en oppert dat hij van negen uur s'ochtends tot hij de kinderen van school moet halen gaat werken. Zo kan zij haar opleiding blijven volgen en de andere dagen stage lopen bij meneer Bruintjes. Henk kijkt haar aan en is duidelijk niet blij met dit voorstel. Ik had eigenlijk gedacht, dat jij dan stopt met de opleiding en weer voor het huishouden gaat zorgen. Ze is heel resoluut naar hem toe en zegt. Dat dacht ik niet. Ik wil me zelf ontwikkelen en wil over een tijdje voor mezelf gaan werken als Zzp'er. We hebben een afspraak gemaakt dat we het samen zouden doen, maar dat wil je kennelijk niet meer. Dus doe ik het zelf. Er is toch niets mis mee dat je je uren aan de schooltijden aanpast? Je geeft net zelf aan dat daar de mogelijkheid toe is. Henk geeft toe dat het uit gewoonte is, dat hij veertig uur wil werken en voor de broodwinning wil zorgen. Ondertussen komen de kinderen aangelopen met een bord vol ijs en slagroom. Daar wil ze zelf ook wel wat van hebben en loopt naar de desserttafel. Hij zal er toch aan moeten wennen dat ik aan mijn toekomst werk.